Staats- en bestuursrecht

Een reaktie: Rassendiscriminatie, ruime interpretatie en rijke fantasie

J.L. van der Neut

Het is een tamelijk doorzichtige discussiemethode. Je vat welwillend de argumenten van de opponent samen, je geeft in die 'samenvatting' datgene weer wat deze nu juist niet gezegd heeft en levert daar de nodige kritiek op. De echte argumenten van de discussiepartner verdwijnen onder tafel. Ik werd met dit bedenkelijke fenomeen geconfronteerd in de reactie van mr. L.A. Geelhoed op mijn twijfels ten aanzien van de wezenlijke  verbetering die de recente wijziging in art. 429 qua ter Sr. van ‘achterstellen wegens ras' in 'onderscheid maken wegens ras’ zou hebben betekend (AA 1982, p. 302 v.)

Opinie | Reactie/nawoord
september 1982
AA19820516

Een selectie uit: Inleiding tot het Europees bestuursrecht

S. Prechal, R.J.G.M. Widdershoven

Post thumbnail Deze uitgave bevat een selectie uit de vijfde, geheel herziene druk van Inleiding tot het Europees bestuursrecht (ISBN 9789493333444). In deze selectie zijn de hoofdstukken III De doorwerking via conforme interpretatie en rechtstreekse werking en hoofdstuk V De bestuurlijke handhaving opgenomen.

9789493333550 - 19-09-2025

Een snelweg voor besluitvorming

F.C.M.A. Michiels

Post thumbnail In dit artikel wordt naar aanleiding van een wetsvoorstel dat wil regelen dat de besluitvorming rondom grote infrastructurele en bouwprojecten aanmerkelijk korter duren voor wat betreft de besluitvorming, ingegaan op het besluitvormingsproces. Daarbij komen de oorzaken van de trage besluitvorming aan de orde, de betrokken spelers, een overzicht van wetgeving ter oplossing van het probleem en wordt er een kort commentaar op de voorgestelde oplossingen gegeven.

Verdieping | Studentartikel
september 2009
AA20090531

Een solidariteitscrisis tussen Europese lidstaten?

E. ten Hoor, R.H. Nolten

Solidariteit ligt aan het hart van het Europese project. In dit redactioneel bekijken we, middels de solidariteitstheorie van Durkheim, naar een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 25 juli 2025.

Opinie | Redactioneel
februari 2026
AA20260083

Een sterke maar slechte gewoonte – loslopende ‘huiskatten’ en de wet

A. Trouwborst

Post thumbnail Dat iets een sterke gewoonte is, wil niet zeggen dat het ook een goede gewoonte is. Het buiten laten loslopen van ‘huiskatten’ lijkt er uitsluitend één van de eerste categorie. De gevolgen voor wilde dieren, van vogels tot vleermuizen, zijn bepaald niet voor de poes. Het openzetten van het kattenluik staat dan ook op gespannen voet met het natuurbeschermingsrecht. Andere juridische vraagtekens betreffen de forse risico’s van door katten(poep) verspreide ziektes voor de menselijke gezondheid, en de gevaren van rondzwerven voor katten zelf. Het lijkt een kwestie van tijd voordat voortschrijdend inzicht het wint van ingesleten gebruik, en de buitenkat zich voegt bij andere schadelijke gewoontes uit het verleden waarvan we ons nu afvragen hoe ze ooit normaal waren.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2025
AA20250177

Een vruchtbare samenwerking met de volksvertegenwoordiging. De kabinetsformatie naar Nederlands staatsrecht

G.J. Leenknegt

Een uiteenzetting van hoe de kabinetsformatie in Nederland verloopt.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 2002
AA20020798

Een wettelijk verbod op conversietherapie: symboolwetgeving of bittere noodzaak?

L. Postma, J. Verhagen

Post thumbnail

De zogenaamde ‘homogenezingstherapie’, ook wel conversietherapie, is een fenomeen dat de gemoederen bezighoudt. Van verschillende kanten uit de samenleving wordt voor een juridische aanpak voor het voorkomen en tegengaan van conversietherapie gepleit. Maar is een wettelijk verbod aangewezen? En is daar een afzonderlijke bepaling voor nodig? In deze bijdrage bezien de auteurs of het strafrecht en gezondheidsrecht reeds voldoende mogelijkheden bieden om conversietherapie aan te pakken.

Verdieping | Verdiepend artikel
februari 2022
AA20220098

Een wonderlijke aanbeveling

C.A.J.M. Kortmann

Nationale Ombudsman 25 april 2008, nr. 2008/05 Prof. mr. C.A.J.M. Kortmann annoteert een uitspraak van de Nationale Ombudsman waarin de Nationale Ombudsman oordeelt dat de uitlatingen van een gedeputeerde in een openbare vergadering voor een gewezen lid van Gedeputeerde staten grievend kan zijn maar waartegen een burger volgens de Nationale Ombudsman niet zo veel kan doen als gevolg van de immuniteit van het lid van het provinciebestuur.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2008
AA20080632

Eenheid van recht is buitengewoon belangrijk

Interview met prof.mr. M. Scheltema, hoogleraar Bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en regeringscommissaris voor de Algemene wet bestuursrecht

M.A. Leijten, G.T.M.J. Raaijmakers

Michiel Scheltema werd geboren in juni 1939 te 's Gravenhage. Hij studeerde Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit Leiden van 1957 tot 1964. Na die studie studeerde hij een jaar aan de Harvard Law School. Van 1965 tot 1972 was hij wetgevingsambtenaar op het ministerie van Justitie, waar hij wegging toen hij hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen werd. Begin jaren tachtig was hij staatssecretaris van Justitie. Sinds 1983 is hij naast hoogleraar regeringscommissaris voor de Algemene wet bestuursrecht.

Verdieping | Interview
november 1993
AA19930804

Eens Natura 2000, voor altijd Natura 2000?

C.W. Backes

Post thumbnail Het ‘schrappen’ van Natura 2000-gebieden is niet mogelijk. Juridisch zou mogelijk zijn de instandhoudingsdoelstellingen van dergelijke gebieden te wijzigen. Of dit ecologisch zinvol is, is een andere vraag. Het is zeer onwaarschijnlijk dat dit wezenlijk zou bijdragen aan de oplossing van de stikstofcrisis. De oorzaken van deze crisis zijn te hoge stikstofdeposities en een inefficiënt en bureaucratisch Nederlands juridisch kader. Aan beide moet worden gewerkt.

Verdieping | Verdiepend artikel
juni 2020
AA20200549

Eerlijk proces en tuchtrechtelijke procedures

F.P. Ölçer

Post thumbnail In deze bijdrage wordt de verhouding tussen het eerlijk procesrecht zoals gewaarborgd in artikel 6 EVRM en tuchtrechtelijke procedures geduid en geproblematiseerd. Besproken wordt hoe het eerlijk procesrecht en tuchtrechtelijke procedures beide variabele en complexe noties betreffen, waardoor de positionering van de laatste in het eerlijk procesrecht, als niet uitdrukkelijk in de tekst van artikel 6 EVRM genoemde procedures, niet eenvoudig is.

Bijzonder nummer | Tuchtrecht
juli 2016
AA20160506

Eerste Kamer: gevangen tussen juridische kwaliteit en politieke behoudzucht

J.W.M. Engels

In dit tweede deel van het tweeluik betoogt Engels wat de nadelen zijn van een terugzendrecht bij wetgeving voor de Eerste Kamer. Er wordt ingegaan op de werkwijze van de Eerste Kamer en op de juridische kennis die er bij Eerste Kamer is.

Opinie | Opiniërend artikel
oktober 2007
AA20070757