Mensenrechten

The EU-US SWIFT Agreement: Assessment by the ECtHR upon the EU’s accession to the ECHR

I. Ievdokymova

Post thumbnail Heb je onlangs geld overgemaakt naar het buitenland? Dan heb je gebruik gemaakt van de SWIFT-code (ook bekend als de BIC-code). De kans bestaat dat de terrorisme-eenheid aan de andere kant van de Atlantische Oceaan nu jouw persoonlijke gegevens aan het doorpluizen is. Volgens het in 2010 tussen de VS en EU gesloten SWIFT-akkoord is dit legaal, maar het akkoord stuit ook op stevige kritiek. Iryna Ievdokymova onderzoekt in dit artikel of het SWIFT-akkoord in strijd is met Europese wetgeving en rechtspraak op het gebied van de bescherming van (persoons)gegevens.

Overig | Ars Aequi-prijswinnaar | Verdieping | Studentartikel
september 2011
AA20110611

The profits of doom

L. Roorda

Post thumbnail

Nederland is een spil in het internationale bedrijfsleven, onder andere vanwege de internationale reikwijdte van Nederlandse ondernemingen. Die centrale rol betekent ook dat Nederland in toenemende mate geconfronteerd wordt met de negatieve bijeffecten van de activiteiten van die ondernemingen, zoals blijkt uit de recente Kiobel-zaak, waarin Shell wordt verweten medeplichtig te zijn aan de executie van dissidenten in Nigeria in 1995. Dit roept de vraag op: in hoeverre zijn Nederlandse hoofdkantoren medeverantwoordelijk voor mensenrechtenschendingen door hun dochterondernemingen, en draagt de Nederlandse Staat een plicht om toegang tot de rechter te verschaffen voor slachtoffers van deze mensenrechtenschendingen? Wij delen immers in grote mate mee in de profits of doom.

Opinie | Amuse
oktober 2017
AA20170774

Thorgeir Thorgeirson

G.A.I. Schuijt

Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM/ECHR) 25 juni 1992, Application no. 13778/88, ECLI:CE:ECHR:1992:0625JUD001377888, Mediaforum Bijlage (4) 1992-11/12: 88-96 (Thorgeir Thorgeirson v. Iceland) In deze uitspraak van het EHRM komt duidelijk aan de orde hoe wordt geoordeeld of een bepaalde beperking van de vrijheid van meningsuiting een toegelaten beperking is die valt onder art. 10 lid 2 EVRM. In de noot wordt dieper ingegaan op de uitspraak en de beperking van de vrijheid van meningsuiting.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 1993
AA19930687

Tijd voor externe controle op de mensenrechten binnen de Europese Unie?

De (niet) toetreding van de EU tot het EVRM

A. Lazowski, R.A. Wessel

Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft het ontwerpverdrag over toetreding van de EU tot het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden afgewezen. Het Hof van Justitie ziet nog veel problemen met betrekking tot een externe controle op het EU-beleid. De vraag is echter of de Unie deze controle langzamerhand niet zou moeten aandurven.

Opinie | Opiniërend artikel
september 2015
AA20150674

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

E.A. Alkema

In deze kroniek wordt een, overigens niet-vollegig, overzicht gegeven van zaken die aan aanhangig zijn bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Verdieping | Verdiepend artikel
februari 1998
AA19980093

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de mens

E.A. Alkema

In deze kroniek wordt een, overigens niet-vollegig, overzicht gegeven van zaken die aan aanhangig zijn bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 1998
AA19980819

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

H.G. Schermers

Dit is het vijfde overzicht van zaken die door de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn verwezen en waarover binnen het komende jaar een uitspraak van het Hof kan worden verwacht. Evenals vorige keren zijn een tiental zaken gelicht uit de stroom van zaken die aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn voorgelegd. Wij hopen hiermee de belangrijkste zaken onder de aandacht van de lezers van Ars Aequi te brengen. Omdat prof. Schermers in juli 1996 is afgetreden als lid van de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens zal dit zijn laatste bijdrage zijn in deze rubriek.

Verdieping | Verdiepend artikel
december 1996
AA19960758

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

H.G. Schermers

Dit is het tweede overzicht van zaken die door de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn verwezen en waarover binnen het komende jaar een uitspraak van het Hof kan worden verwacht. Evenals vorige keer zijn een tiental zaken gelicht uit de stroom van zaken die aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn voorgelegd. De auteurs hopen hiermee de voor de Nederlandse studenten belangrijkste zaken onder de aandacht van de lezer van Ars Aequi te brengen.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 1995
AA19950260

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

H.G. Schermers

Eerste artikel in een reeks van artikelen waarin de toekomstige uitspraken van het EHRM worden genoemd en geanalyseerd.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 1994
AA19940733

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

E.A. Alkema

Dit zesde overzicht van zaken die aanhangig zijn bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens heeft een andere opzet dan de vijf voorgaande. Uitgegaan is van de rol van het Hof op 6 maart 1997. Daarop staan niet slechts de zaken die door de Commissie of verdragstaten zijn voorgelegd, maar ook zaken rechtstreeks afkomstig van individuele klagers. Sinds het negende protocol van kracht is (1 oktober 1994), zijn individuele klagers daartoe bevoegd tegenover staten die zoals Nederland dat protocol hebben aanvaard. Daarentegen blijven zaken waarin de rapporten van de Commissie (nog) vertrouwelijk zijn buiten beschouwing. Verder zijn de zaken gegroepeerd naar de (belangrijkste) in het geding zijnde verdragsbepaling. Overigens is — evenmin als in eerdere overzichten — gestreefd naar volledigheid. Zo worden niet alle Italiaanse zaken vermeld. Want, ofschoon veel van de tegen Italië gevoerde procedures over overschrijding van de redelijke termijn niet aan het Hof maar aan het Comité van Ministers van de Raad van Europa worden voorgelegd, paraisseert toch nog een aanzienlijk aantal op de rol van het Hof. Voor de Nederlandse rechtspraktijk zijn die echter doorgaans van beperkt belang.

Verdieping | Verdiepend artikel
september 1997
AA19970583

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

H.G. Schermers

Dit is het vierde overzicht van zaken die door de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn verwezen en waarover binnen het komende jaar een uitspraak van het Hof kan worden verwacht. Evenals vorige keren zijn een tiental zaken gelicht uit de stroom van zaken die aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn voorgelegd. Wij hopen hiermede de belangrijkste zaken onder de aandacht van de lezers van Ars Aequi te brengen. In de verslagperiode (1 oktober 1995-1 februari 1996) werden 209 zaken door de Commissie naar het Comité van Ministers verwezen. 131 daarvan betroffen de duur van procedures in Italië. Van deze 209 zaken verwees de Commissie er 19 naar het Hof. Nog twee andere werden door de Turkse regering aan het Hof voorgelegd. De resterende 188 zaken worden door het Comité van Ministers van de Raad van Europa afgedaan.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 1996
AA19960253

Toekomstige uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

H.G. Schermers

Dit is het derde overzicht van zaken die door de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn verwezen en waarover binnen het komende jaar een uitspraak van het Hof kan worden verwacht. Evenals vorige keer zijn een tiental zaken gelicht uit de stroom van zaken die aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn voorgelegd. Wij hopen hiermee de voor de Nederlandse studenten belangrijkste zaken onder de aandacht van de lezer van Ars Aequi te brengen. In de verslagperiode (1 februari tot 1 oktober 1995) werden 294 zaken door de Commissie naar het Comité van Ministers verwezen. 169 daarvan betroffen de duur van procedures in Italië. Van deze 294 zaken werden er 41 naar het Hof verwezen. De overige 253 worden door het Comité van Ministers van de Raad van Europa afgedaan.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 1995
AA19950863