Mensenrechten

Resultaat 385–396 van de 402 resultaten wordt getoond

Tribunaal voor Joegoslavië; een gerechtvaardigde doch riskante onderneming

H. von Hebel

Op 25 mei 1993 besloot de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties tot oprichting van een ad hoc 'Internationaal Tribunaal voor de berechting van persoon verantwoordelijk voor ernstige schendingen van het internationale humanitaire recht gepleegd op het grondgebied van het voormalige Joegoslavië sinds 1991'. Met recht kan van een zeer bijzondere stap worden gesproken; een stap ook die de nodige juridische en praktische vragen oproept. Op enkele van deze vragen, waaronder die naar de rechtsbasis en de mogelijke effectiviteit zal in onderstaand artikel nader worden ingegaan.

Verdieping | Verdiepend artikel
maart 1994
AA19940145

Trots op Nederland? Lees eerst het arrest Salah Sheekh!

L.J.A. Damen

Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM/ECHR) 11 januari 2007, ECLI:NL:XX:2007:BA5147, nr. 1948/04, AB 2007, 76 m. nt. Vermeulen, JB 2007, 52 m. nt. Wenders, NJCM-bulletin 2007, p. 179 m. nt. Terlouw, JV 2007, 30 m. nt. Vermeulen, EHRC 2007, 36 m. nt. Woltjer (Salah Sheekh v Nederland) In de uitvoerige noot wordt de uitspraak rondom Salah Sheekh besproken waarin Nederland door het EHRM wordt gekapitteld over hoe in Nederland asielzoekers behandeld worden. De belanghebbende wordt zelfs toegestaan om het nationale hoger beroep over te slaan. Nederland heeft de gevaren voor Salah Sheekh verkeerd ingeschat en daarmee schendt het het EHRM.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 2008
AA20080053

Tussen feit en fictie (Digitaal boek)

C.J.H. Jansen, J.J.J. Sillen

Post thumbnail Het thema 'de feiten en het recht' wordt bestudeerd vanuit het burgerlijk procesrecht, het staatsrecht en vanuit het procesrecht van het EHRM. Over de googelende rechter, de onderzoeksbevoegdheden van het parlement en de feitenvaststelling door het Straatsburgse Hof.

9789069166308 - 23-09-2014

Uit de kast, maar ook uit de brand?

Lesbische, homo­seksuele, biseksuele en transgender asielzoekers in Nederland

T.P. Spijkerboer

Post thumbnail In de afgelopen jaren is de positie van LHBT-vluchtelingen verbeterd, omdat een aantal kwestieuze praktijken om hun asielverzoeken af te wijzen is afgeschaft. Toch blijft er spanning bestaan tussen de restrictieve manier waarop mensenrechten worden geïnterpreteerd in de context van asiel, en de ruimere interpretatie daarbuiten. Zo beslissen ambtenaren over de gender- en seksuele identiteit van asielzoekers, en wordt strafbaarstelling van homoseksuele handelingen in het land van herkomst niet als vervolging in de zin van de vluchtelingendefinitie aangemerkt.

Rode draad | Recht en seksualiteit
september 2016
AA20160668

Urgenda tegen de Staat der Nederlanden: aan wiens kant staat de Nederlandse burger eigenlijk?

O. Spijkers

Post thumbnail In het rechtbankvonnis (2015) in de Urgenda-zaak werd het nalaten van de Nederlandse Staat om de uitstoot van broeikasgassen vanuit Nederlands grondgebied tot een aanvaardbaar niveau terug te (doen) brengen, beschouwd als een schending van de zorgplicht (gevaarzetting) van artikel 6:162 lid 2 Burgerlijk Wetboek. Door dit nalaten bracht Nederland de eigen bevolking in gevaar. In 2018 kwalificeerde het gerechtshof datzelfde nalaten door de Staat als een schending van de mensenrechten van de Nederlandse bevolking, in het bijzonder het recht op leven en een schone leefomgeving. In deze bijdrage onderzoek ik of de Urgenda-zaak gezien kan worden als een succesvol voorbeeld van strategisch procederen voor mensenrechten, dat wil zeggen het op een strategische manier inzetten van een juridische procedure, waarin de mensenrechten centraal staan, om op deze wijze te proberen algemene beleids­wijzigingen teweeg te brengen in het belang van de samenleving als geheel. Daarbij kijk ik ook naar de reactie van de Nederlandse samen­leving op deze procedure. Die lijkt verdeeld. Sommige Nederlandse burgers beschouwen Urgenda als een stichting die moedig opkomt voor de goede zaak, anderen hebben juist meer sympathie voor de weifelende Nederlandse Staat.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2019
AA20190191

Van ‘waar bemoeit die rechter zich mee?’ tot ‘res loquitur ipsa’. De Urgenda-zaak bij de Hoge Raad

K.J. de Graaf, A.T. Marseille

Hoge Raad 20 december 2019, nr. 19/00135, ECLI:NL:HR:2019:2006, NJ 2020/41, m.nt. J. Spier, AB 2020/24, m.nt. Ch.W. Backes & G.A. van der Veen, JB 2020/37, m.nt. D.G.J. Sanderink, M en R 2020/8, m.nt. T.J. Thurlings-Rassa (Urgenda) Als er in de afgelopen jaren één (Nederlands) geschil zou moeten worden aangewezen waarover de rechter uitspraak deed en waarover veel juristen in de wereld verbaasd waren, vanwege de mate waarin de rechterlijke macht meende te kunnen interveniëren in het politieke domein, dan betreft dat het geschil tussen de Nederlandse Staat en de stichting Urgenda. Kars de Graaf & Bert Marseille annoteren de uitspraak in het kader van het themanummer over de rechter in de trias politica.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2020
AA20200955

Verbod vereniging Martijn

R.J.B. Schutgens

Hoge Raad 18 april 2014, nr. 13/02498, ECLI:NL:HR:2014:948 (Verbod vereniging Martijn)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 2014
AA20140834

Verboden voor Iraniërs!

Over de uitsluiting van Iraanse studenten van gevaarlijke studies en de verhouding tussen fundamentele rechten, de EU en de VN

A. Cuyvers

Nederland besloot in juli 2008 iedereen met de Iraanse nationaliteit de toegang tot bepaalde locaties te ontzeggen en uit te sluiten van negen ‘gevoelige’ studieonderdelen waarbij nucleaire kennis kan worden overgedragen. Een maatregel die natuurlijk een symfonie aan juridische en morele alarmbellen doet afgaan. Maar ook een maatregel die uitvoering gaf aan het ‘hogere’ VN- en EU-recht en het niet onbelangrijke doel had om te voorkomen dat het regime in Teheran ooit de beschikking zou krijgen over een bom. Enkele Iraanse studenten en wetenschappers vochten deze uitsluiting aan bij de Rechtbank Den Haag. De uitspraak van de rechtbank vormt het uitgangspunt van deze bijdrage, die verder ingaat op drie centrale vragen die deze zaak oproept.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 2010
AA20100771

Verslag van het congres ‘Criminele vermogens’

Georganiseerd door de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Limburg en de sectie Strafrecht van de Open Universiteit

M.J. Kroeze, J. Postma

Op 4 juni 1993 vond in de Stadsschouwburg te Maastricht een congres plaats over criminele vermogens. Hieronder volgt een weergave van twee op die dag gehouden inleidingen en de daarop volgende discussie.

Verdieping | Studentartikel
november 1993
AA19930781

Vervolging van Oorlogsmisdaden en Misdaden tegen de Mensheid: De Democratische Republiek Congo

P. van de Auweraert

Er bestaat vandaag de dag een duidelijke internationale consensus dat het bestrijden van de impuniteit voor de internationale misdaden van genocide, misdaden tegen de mensheid en oorlogsmisdaden een integraal en noodzakelijk onderdeel vormt van elke geslaagde wederopbouw en verzoeningsinspanning in landen die zich in een zogenaamde postconflict situatie bevinden. Deze beknopte bijdrage zal kort ingaan op de toepassing van die internationale consensus op de Democratische Republiek Congo (DRC).

Verdieping | Verdiepend artikel
maart 2006
AA20060188

Vluchtelingen, universiteiten en hogescholen

E.H. Hondius

In deze column besteedt Ewoud Hondius aandacht aan de initiatieven van universiteiten en hogescholen om vluchtelingen te ondersteunen en onderwijzen.

Opinie | Column
januari 2016
AA20160020

Vluchtelingenrecht

T.P. Spijkerboer, B.P. Vermeulen

Post thumbnail Dit boek bevat naast een diepgaande beschrijving van het zuiver nationale vluchtelingenrecht en het Vluchtelingenverdrag, ook het EG-asielrecht dat invloed op het Nederlandse vluchtelingenrecht heeft.

9789069165370 - 08-04-2005

Resultaat 385–396 van de 402 resultaten wordt getoond