Resultaat 1–12 van de 20 resultaten wordt getoond

Beantwoording rechtsvraag (204) burgerlijk recht

W.H.M. Reehuis

Beantwoording van een rechtsvraag op het gebied van het goederen- en faillissementsrecht naar nieuw BW. De vraag die aan de orde is, is of de in de casus geschetste feiten er sprake is van een geldig eigendomsvoorbehoud en stil pandrecht.

Perspectief | Rechtsvraag
Juni 1991
AA19910507

Behoorlijke financiering van de rechtspraak

A.F.M. Brenninkmeijer

Een uiteenzetting van het financiële wezen van de rechtspraak, krijgt de rechtspraak genoeg geld of kunnen ze straks wegens een tekort aan financiering de zaken niet langer onder handen nemen?

Verdieping | Verdiepend artikel
Maart 2004
AA20040165

De (on)zin van marktwerking en kwantificering in de rechtspraak

M. Otte

Steeds vaker worden vragen gesteld over de financiering van rechtspraak en bijbehorende procedures en methodieken uit de managementwereld, zoals benchmarking. Zie alleen al het rechterlijk manifest van enkele maanden geleden waarin kritiek wordt geuit op de perverterende effecten van financiering van publieke taken als rechtspraak. Rechtspraak zou geen marktproduct zijn dat onderhorig is aan financiële sturingsmethoden. In dit opstel bepleit Rinus Otte een nieuw tegengeluid en dat is dat sturing, cijfers en kwantificeren onderschatte begrippen zijn alsmede dat routinematige standaarden goed samengaan met speelruimte voor de rechter.

Perspectief | Perspectiefartikel
April 2013
AA20130326

De rol van banken in de transitie naar een duurzame economie. & een ode aan de fantasten en de dromers

K.C.I. Pijl

Post thumbnail

Nederlandse banken hebben een wereldwijde impact op mens en milieu door de ondernemingen en projecten die ze financieren. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat bankfinanciering bijdraagt aan een sociaal en ecologisch duurzame economie? Ik betoog dat de sleutel ligt in een herinterpretatie van de rol van banken in onze maatschappij.

Opinie | Amuse
September 2021
AA20210790

De Universitaire ambtenaar en de operatie Groei en Krimp

M.P.A.M. Fruytier

In deze Meesters-column komt de financiering van wetenschappelijk onderzoek aan de orde en wat daarbij de consequenties kunnen zijn voor wetenschappelijk medewerkers en op welke wijze zij zich kunnen verweren tegen bezuinigingen.

Opinie | Column
April 1988
AA19880233

De Wet doorberekening kosten toezicht en tuchtrecht juridische beroepen

A.R.E.M. van Erp

De drie juridische beroepsgroepen advocatuur, notariaat en gerechtsdeurwaarders kennen verschillende regelingen voor de kosten van toezicht en tuchtrechtspraak en het ten laste brengen van deze kosten aan de beroepsgroep zelf of de algemene middelen. Met de inwerkingtreding van de Wet doorberekening kosten toezicht en tuchtrecht juridische beroepen op 1 januari 2018 wordt dit verschil opgeheven. In deze bijdrage wordt de achterliggende reden voor aanpassing van de beroepswetten beschreven en wordt aangegeven hoe de kosten met ingang van 1 januari 2018 ten laste van de beroepsgroepen worden gebracht.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
December 2017
AA20171011

Factoring

J. Beuving

De invoering van de Boeken 3, 5 en 6 van het Burgerlijk Wetboek — in het bijzonder artikel 3:84 lid 3 BW — op 1 januari 1992 heeft tot grote onduidelijkheid en onzekerheid op het gebied van factoring geleid. Veiligheidshalve — en schoorvoetend — hebben de Nederlandse factoringmaatschappijen in januari 1992 hun standaardcontracten ingrijpend gewijzigd. Zij hanteren niet langer cessie van vorderingen als uitgangspunt, maar zijn in plaats daarvan gaan werken met verpanding van vorderingen. Als rode draad door dit proefschrift loopt de vraag of het gebruik van de verpandingsfiguur bij factoring wel wenselijk en/of noodzakelijk is.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
Juli 1996
AA19960518

Gezocht: common ground

Verslag van het congres ‘Wat verbindt ons als rechtswetenschappers?’

R.H.T. Jansen, M.D. Reijneveld

Post thumbnail

Op donderdag 24 september 2020 organiseerde de Werkgroep Rechtswetenschap het online congres ‘Wat verbindt ons als rechtswetenschappers?’. In deze bijdrage doen de auteurs verslag van dit interessante congres over de gemeenschappelijke basis van rechtswetenschappelijk onderzoek.

Perspectief | Congresverslag
December 2020
AA20201197

Het gefinancierde rechtswetenschappelijke onderzoek onder de loep

M.V.R. Snel, J.B.M. Vranken

Post thumbnail In de rechtswetenschappelijke gemeenschap bestaat de indruk dat juridisch onderzoek met een interdisciplinaire en/of empirische component bij verstrekkers van onderzoeksubsidies voorrang krijgt. Of, en zo ja in hoeverre dat werkelijk zo is, onderzochten wij in deze bijdrage op basis van een bestudering van het door de European Research Council, Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek en rechtenfaculteiten gefinancierde juridisch (promotie)onderzoek.

September 2019
AA20190712

Het Manifest van Leeuwarden: 5 jaar na dato

M.E.L. Fikkers, H. de Hek, J.H. Kuijper, K.E. Mollema, R.A. van der Pol, I. Tubben, M.W. Zandbergen

Post thumbnail

Het protest dat zeven raadsheren uit Leeuwarden eind 2012 lieten horen tegen de manier waarop de rechtspraak wordt bestuurd en gefinancierd heeft veel discussie uitgelokt en veel pennen in beweging gebracht. Na vijf jaar moet echter ook worden geconstateerd dat herstel van een ernstig gebrek in de organisatie van de trias politica is uitgebleven.

Opinie | Opiniërend artikel
December 2017
AA20171024

Hoe leidt de kinderopvangtoeslagaffaire naar een maatschappelijk relevante en kritische rechtswetenschap?

J.E. van den Brink, R. Ortlep

Post thumbnail

De huidige waardering van rechtswetenschappelijk onderzoek op de hoofdgebieden van het Nederlandse recht en de financiering van (rechts)wetenschappelijk onderzoek werken in de hand dat misstanden, zoals de kinderopvangtoeslagaffaire, in de rechtswetenschap niet (direct) de aandacht krijgen die zij verdienen. Tijd om daarin verandering te brengen.

Perspectief | Perspectiefartikel
Januari 2022
AA20220058

Instructiebevoegdheid in concernverhoudingen

H.J.C. van Geel

Een van de centrale thema's binnen het concernrecht vormt de instructiebevoegdheid van de moedervennootschap ten opzichte van de dochtervennootschap. Is zo'n instructie geoorloofd en zo ja, wat zijn de voorwaarden en waar liggen de grenzen? In dit artikel wordt geprobeerd een antwoord op deze vragen te geven. Vervolgens wordt ingegaan op een tweetal terreinen waarop de instructiebevoegdheid een rol speelt, te weten de concernfinanciering en de misbruikwetgeving. Aansluitend wordt de behoefte aan een wettelijk vastgelegd instructierecht besproken.

Verdieping | Studentartikel
Mei 1990
AA19900267

Resultaat 1–12 van de 20 resultaten wordt getoond