Toont alle 6 resultaten

Afluisteren van telefoons

A.H.J. Swart

Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM/ECHR) 24 april 1990, ECLI:NL:XX:1990:AD5851 (Kruslin & Huvig) Arrest van het EHRM over het afluisteren van telefoons in een strafrechtelijke procedure in Frankrijk waarbij het de volgende algemene regel formuleert: Het afluisteren of op andere wijze onderscheppen van telefoongesprekken vormt een ernstige inmenging in het privéleven en dient daarom met bijzondere nauwkeurigheid in het nationale recht geregeld te zijn. Het is van essentieel belang dat deze regels duidelijk en gedetailleerd zijn en in hun toepassing voor de burger voorzienbaar, in het bijzonder nu de beschikbare technologie steeds verfijnder wordt. Het Franse strafprocesrecht voldoet niet aan deze eisen. Het biedt onvoldoende waarborgen tegen misbruik. Ontbrekende regelingen met betrekking tot gevallen waarin afgeluisterd mag worden, de duur van het afluisteren, het bewaren van opnamen met het oog op beoordeling door de rechter en de verdediging, het wissen of vernietigen daarvan.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Februari 1991
AA19910160

Beantwoording rechtsvraag (238) formeel strafrecht

G. Knigge

Beantwoording van een rechtsvraag op het gebied van het formeel strafrecht waarbij de Wet getuigenbescherming aan de orde komt.

Perspectief | Rechtsvraag
Juni 1995
AA19950520

De overheidsaansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door achteraf bezien ten onrechte toegepaste strafvorderlijke dwangmiddelen

J. Dekker

De civielrechtelijke aansprakelijkheid van de overheid voor schade door het achteraf bezien ten onrechte toepassen van dwangmiddelen tijdens opsporing en vervolging van strafbare feiten heeft zich gedurende enkele jaren sterk ontwikkeld. Op 29 april 1995 is hierin verandering gekomen. Recentelijk heeft deze ontwikkeling met twee uitspraken van de Hoge Raad een nieuw hoofdstuk gekregen. In het verlengde van beide arresten wordt een aantal problemen besproken, die het leerstuk van de (on)rechtmatige overheidsdaad meebrengt.

Verdieping | Studentartikel
Oktober 1995
AA19950748

Het handhavingsonderzoek (Digitaal boek)

Behoren het handhavingstoezicht, het boeteonderzoek en de opsporing verschillend te worden genormeerd? Een interne rechtsvergelijking

O.J.D.M.L. Jansen

Post thumbnail

Behoren het handhavingstoezicht, het boeteonderzoek en de opsporing verschillend te worden genormeerd? Bij de beantwoording van deze vraag komt een aantal normen uit de beginselen van behoorlijk bestuur – deze beginselen normeren ook de opsporing – en uit artikel 6 EVRM, alsmede het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer aan de orde.

9789069163215 - 12-2-1999

Juni 2003

Katern 87: Straf(proces)recht

C.M. Pelser

Wapenwedloop in cyberspace. Gegevensmunitie ten koste van privacy?

J.E.J. Prins

Eind november 2001 werd het Cybercrime Verdrag van de Raad van Europa ondertekend. Dit verdrag is van belang voor opsporingsbevoegdheden in een elektronische omgeving. Deze bevoegdheden staan momenteel ook hoog op de agenda van de Europese en de nationale wetgever. Zeker na de gebeurtenissen van 11 september 2001 lijkt het erop dat aan on-line opsporingsbevoegdheden ruim baan wordt gegeven ten koste van privacy. Daarbij gaan ontwikkelingen in de private sector veelal hand in hand met bevoegdheden in de publieke sector.

Rode draad | Big brother in cyberspace
Mei 2002
AA20020315

Toont alle 6 resultaten