Resultaat 1–12 van de 15 resultaten wordt getoond

ASMI: zelfstandigheid en beleidsvrijheid van bestuur in een beurs-NV

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 9 juli 2010, nrs. 09/04465 en 09/04512, ECLI:NL:HR:2010:BM0976, LJN: BM0976 (Stichting Continuïteit ASM International/Hermes Focus Asset Management Europe Ltd e.a. en A.H. del Prado/Hermes e.a.)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
November 2010
AA20100800

Commissaris en tegenstrijdig belang: handelt de Ondernemingskamer contra legem?

S.M. Bartman, A.F.M. Dorresteijn

Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) 22 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5354, JOR 2018/210, nr. 200.190.159/01, m.nt. C.D.J. Bulten (Intergamma)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
November 2018
AA20180913

Conceptvoorstel wijziging enquêterecht

S.N. Demper

Post thumbnail Door de invoering van onmiddellijke voorzieningen in 1994, de laagdrempelige toegang en de ruime beoordelingsvrijheid van de Ondernemingskamer is het enquêterecht een populair middel geworden onder aandeelhouders. Op 29 oktober 2009 is een conceptvoorstel tot wijziging van het enquêterecht gepubliceerd. Deze bijdrage bespreekt de vier voorgestelde wijzigingen die verband houden met de ontwikkelingen van het aandeelhoudersactivisme.

Oktober 2010
AA20100693

Cryo-Save: dreigende vijandige overname van een onbeschermde beurs-NV

M.J.G.C. Raaijmakers

Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) 6 september 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:2836, nr. 200.131.526/01 OK (CRYO-SAVE GROUP N.V./Frédéric AMAR C.S.)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Maart 2014
AA20140197

Curaçaos en Sint-Maartens enquêterecht

R.P. Jager

Post thumbnail In deze bijdrage wordt ingegaan op een aantal verschillen tussen het overzeese enquêterecht, namelijk dat van Curaçao en van Sint-Maarten, en het Nederlandse enquêterecht.

Blauwe pagina's | Caribisch recht
Juni 2019
AA20190428

De concernenquête: moeizaam laveren tussen processuele zekerheid en economische werkelijkheid

S.M. Bartman, R.P. Jager

Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:478 (SNS)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Juni 2020
AA20200581

Juridische aspecten van de voltooiing van de Europese Gemeenschappelijke Markt

Het Europees economisch samenwerkingsverband

J. van Rijn van Alkemade

De Wet van 28 juni 1989, Stb. 245, die op 1 juli in werking is getreden, heeft betrekking op de uitvoering van de Verordening nr. 2137/85 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 25 juli 1985 tot instelling van de Europese economische samenwerkingsverbanden. In deze bijdrage staat het fenomeen van het Europees Economisch Samenwerkingsverband centraal. Achtereenvolgens komen het doel van het EESV, het belang van de verordening, de algemene opzet van de verordening, de Franse herkomst van het EESV ter sprake. Ook wordt er een vergelijking tussen het EESV een de Europese NV getrokken wordt er aandacht besteed aan het medezeggenschapsrecht, enquêterecht en de jaarrekening.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
Oktober 1989
AA19890841

December 2000

Katern 77: Ondernemingsrecht

G. van Solinge

September 2001

Katern 80: Ondernemingsrecht

G. van Solinge

Juni 2002

Katern 83: Ondernemingsrecht

G.J.C. Rensen, J.M.A. Wintgens-van Luyn

Juni 2006

Katern 99: Ondernemingsrecht

E. Schmieman

OGEM-enquête (I) en (II)

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 10 januari 1990, nr. 20, ECLI:NL:HR:1990:AC1233, RvdW 1990, 22/23, NJ 1990, 465/466 m.n. Maeijer; TVVS 1990, pp. 127-132 noot Th.S. IJsselmuiden (Ogem-enquête (I) en (II)) In deze noot wordt ingegaan op de gevolgen van het failliet gaan van Ogem waarbij een uitspraak van de Hoge Raad aan de orde komt en er strijd is over de werking en strekking van de regeling van het enquêterecht. De Hoge Raad doet hierover een belangrijke uitspraak en oordeelt dat wanneer er sprake is van wanbeleid van de rechtspersoon dit geen oordeel inhoudt over de persoonlijke verwijtbaarheid van de bestuurders. Op een onderdeel wordt de beschikking van het hof o.g.v. motiveringsklachten gecasseerd. In de uitvoerige noot wordt ingegaan op de wetsgeschiedenis van de enquêteregeling. Daarna wordt de enquêteprocedure besproken waarbij de tweefasenstructuur wordt onderscheiden. Daarna komt de ontvankelijkheid van de oud-bestuurders van de failliete NV in de cassatieprocedure behandeld. Raaijmakers behandelt vervolgens het onderscheid van wanbeleid van de rechtspersoon en de aansprakelijkheid van de bestuurders. Deze loopt niet zonder meer parallel. Als laatste komt het openbaar belang bij faillissement aan de orde en wordt er afgesloten met aanbevolen literatuur. In de tweede annotatie komt met name het begrip 'wanbeleid van de rechtspersoon' diepgaand aan de orde waarbij met name van belang is dat een enquêteprocedure ook gestart kan worden bij faillissement van de vennootschap waarbij er dan geen voorzieningen worden getroffen. Daarbij worden in de opvolgende paragrafen behandelt: de wijze waarop de HR in het concrete arrest het wanbeleid beoordeelt en de verschillende voorbeelden waaruit wanbeleid kan bestaan, bijvoorbeeld in strijd handelen met wettelijke voorschriften, statuten of beleidsvoorschriften binnen de vennootschap.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
November 1990
AA19900858

Resultaat 1–12 van de 15 resultaten wordt getoond