Resultaat 13–19 van de 19 resultaten wordt getoond

Maart 1999

Katern 70: Internationaal privaatrecht

K.R.S.D. Boele-Woelki

Maart 1999

Katern 70: Rechtsgeschiedenis

J.H.A. Lokin

Rechtsvraag (204) Burgerlijk recht

W.H.M. Reehuis

Rechtsvraag op het gebied van het goederen- en faillissementsrecht naar nieuw BW. De vraag die aan de orde is, is of de in de casus geschetste feiten er sprake is van een geldig eigendomsvoorbehoud en stil pandrecht.

Perspectief | Rechtsvraag
Februari 1991
AA19910174

Revindicatie na pakjesavond

J. Klijnsma

In dit amusante redactionele artikel wordt aan de hand van een Sinterklaasverhaal ingegaan op de schenking, eigendomsvoorbehoud en derdenbescherming.

Opinie | Redactioneel
December 2007
AA20070929

Sinaasappels

Rechtsvraag (345) Goederenrecht

L.P.W. van Vliet

Stuur je antwoord op deze rechtsvraag in vóór 1 april 2015. De beste studentinzender wordt beloond met een geldprijs van € 50 plus een keuze uit het Ars Aequi Libri-fonds. Andere serieuze inzenders mogen een keuze maken uit genoemd fonds. De inzenders wordt verzocht om aan te geven aan welke universiteit zij studeren, in welk jaar en welke studierichting zij volgen. De beantwoording van de rechtsvraag zal worden geplaatst in het septembernummer 2015.

Perspectief | Rechtsvraag
Februari 2015
AA20150159

Warrantage en eigendomsvoorbehoud onder het BW

M.J.H. Halsema

Warrantage is een voor Nederland betrekkelijk nieuwe constructie. Door de constructie wordt het stille pandrecht van een kredietgevende bank op de bedrijfsvoorraden van haar kredietnemer versterkt. Zo wordt de bank een vuistpandrecht verschaft. Leveranciers zijn vrijwel zonder uitzondering slechts bereid aan bedrijven te leveren onder eigendomsvoorbehoud. Indien het door warrantage versterkte recht van de bank geconfronteerd wordt met zo'n eigendomsvoor¬behoud, zullen hoge eisen aan de goede trouw van de bank worden gesteld. Door betaling gecombineerd met subrogatie of een systeem van afstandsverklaringen kan deze confrontatie worden voorkomen.

Verdieping | Studentartikel
Maart 1992
AA19920131

Zakelijke zekerheden in de Wet op het consumentenkrediet

I. Nissen

Onlangs zijn de memorie van antwoord en de nota van wijziging bij het wetsvoorstel Wet op het consumentenkrediet (WCK) verschenen. De WCK beoogt een uniforme regeling te geven voor het consumentenkrediet, waaronder wordt verstaan de beroeps- of bedrijfsmatige kredietverlening aan de consument, de niet-professionele kredietnemer. In dit artikel zal de vraag omtrent de mate van toelaatbaarheid van het bedingen van zekerheden in de WCK centraal staan. Hierbij is niet alleen de zuiver juridische betekenis van de artikelen met betrekking tot zekerheden van belang. Men kan zich tevens afvragen of de wetgever de juiste weg heeft gekozen om tot verwezenlijking van de doelstelling van de WCK (namelijk optimale bescherming van de consument) te komen. Alvorens hiertoe over te gaan zal in paragraaf 2 de maatschappelijke betekenis van consumentenkrediet aan de orde komen, waarna in de paragrafen 3 en 4 de beweegredenen van de wetgever om tot een beperking van de mogelijkheid tot zekerheidstelling te komen besproken zullen worden.

Overig | Rode draad | Financiële markten en instellingen | Verdieping | Studentartikel
November 1988
AA19880738

Resultaat 13–19 van de 19 resultaten wordt getoond