Het democratisch gehalte van de afgelopen kabinetsformatie
In de zestiger jaren is er veel beweging ontstaan rond een deel van ons staatkundig functioneren. De klemtoon viel daarbij vooral op een sterkere relatie tussen kiezer en gekozene. Deze democratiseringsbeweging, politiek vooral verpersoonlijkt door D’66, culmineerde staatrechtelijk in het rapport van de staatscommissie Cals-Donner. Toch heeft deze discussie weinig opgeleverd. De bestaande regels zijn blij ven bestaan. Daarmede is echter de onvrede niet weggenomen . 13ij velen is sterk het gevoel aanwezig dat de invloed van de kiezer niet verder reikt dan het stemhok. Hier houdt ,·oor hem de democratie nagenoeg halt. De kabinetsformatie kent haar eigen regels. Daarbij gaat het veeleer om politieke onderonsjes en machtspolitiek dan om het honoreren van het kiezer. gedrag.
In het navolgende wordt geprobeerd om de afgelopen kabinetsformatie op een aantal punten door te licht en op haar democratisch aanzien. Daarbij wordt het begrip democratie in tweeërlei zin opgevat: zowel het betrachten van evenredigheidsverhoudingen bij een zo breed mogelijke samenstelling van een coalitiekabinet als het respecteren van staatrechtelijk vigerende regel. Vervolgens wordt aan de hand van deze begripsinterpretatie het formatieproces hetwelk had moeten leiden naar een tweede kabinet den Uyl op een aantal zaken getoetst. Condities, strategie, verdeling van minister posten komen daarbij achtereenvolgens aan de orde. Na de bespreking van een aantal in dit verband mede relevante zaken wordt besloten met het plaatsen van enkele kanttekeningen bij de formatie CDA-VVD.
U heeft geen toegang tot de download(s) van dit product.
Login of bekijk onze abonnementen





