Toont alle 4 resultaten

Blik op de rijksoverheid

J.A. Hofman

Post thumbnail

Wat zijn programmaministers, hoe is een ministerie opgebouwd en welke mogelijkheden zijn er om te controleren of een zelfstandig bestuursorgaan zijn werk goed doet? Een blik op de positie en de organisatie van de rijksoverheid.

9789069166520 - 31-10-2007

Blik op de rijksoverheid (Digitaal boek)

J.A. Hofman

Post thumbnail

Wat zijn programmaministers, hoe is een ministerie opgebouwd en welke mogelijkheden zijn er om te controleren of een zelfstandig bestuursorgaan zijn werk goed doet? Een blik op de positie en de organisatie van de rijksoverheid.

9789069166520 - 31-10-2007

Het is bon ton om European Union bashing te bedrijven

Interview met P.H. Kooijmans, hoogleraar Volkenrecht te Leiden en oud-Minister van Buitenlandse Zaken

S.E. Bartels, I. Giesen

P.H. Kooijmans (1933) studeerde rechten en economie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Aan diezelfde instelling promoveerde hij in 1964 en werd hij in 1965 benoemd tot hoogleraar Volkenrecht. In de periode 1973-1977 was hij staatssecretaris in het kabinet-Den Uyl. Van 1978 tot eind 1992 was hij wederom hoogleraar Volkenrecht, ditmaal aan de Rijksuniversiteit Leiden. Al deze werkzaamheden vormden geen beletsel voor inspanningen in het kader van de Verenigde Naties. Kooijmans was voorzitter van de Commissie voor de Rechten van de Mens en speciaal rapporteur inzake foltering. Vanaf 1 januari 1993 heeft hij als minister van Buitenlandse Zaken het kabinet-Lubbers-III versterkt. Kooijmans is tegenwoordig weer terug op zijn oude stek aan de RUL. Wij spraken 50 jaar na D-Day met de demissionaire minister, voornamelijk over de Verenigde Naties en de Europese Unie.

Verdieping | Interview
November 1994
AA19940725

Moest ze ‘t of moest ze ‘t niet?

De affaire Verdonk van december 2006 nogmaals onder de loep

L. de Jongh

Post thumbnail In dit artikel wordt ingegaan op een eerder in Ars Aequi verschenen artikel dat ging over het aftreden van Rita Verdonk in december 2006. De auteur ontleent aan het feit dat twee juristen na een grondige analyse tot een verschillende conclusie komen over de werking de conclusie dat de staatsrechtelijke vertrouwensregel gecodificeerd dient te worden. In het artikel wordt ingegaan op het handelen van een kabinet tijdens een demissionaire periode, de motie van afkeuring en het homogeniteitsbeginsel.

Opinie | Reactie/nawoord
Januari 2009
AA20090037

Toont alle 4 resultaten