marktfalen

Concurrentie en de rol van recht

J. Lindeboom

Post thumbnail Het recht is noodzakelijk om concurrentie in stand te houden. Hierover bestaat nagenoeg consensus. Maar hoe het recht de concurrentie het beste kan beschermen is controversieel. Evenzo controversieel is de vraag waarom we concurrentie precies willen beschermen, alsook de vraag wat concurrentie eigenlijk inhoudt. Dit artikel bespreekt de belangrijkste opvattingen over deze drie vragen, en beoogt daarmee inzicht te geven in de verhouding tussen juridische concurrentienormering en concurrentie als economisch fenomeen.

Bijzonder nummer | Concurrentie
juli 2020
AA20200652

Goede zaken? Rechtseconomische kanttekeningen bij een belangwekkend WRR-rapport

L.T. Visscher

Post thumbnail Het WRR-rapport Goede Zaken onderzoekt hoe de overheid bedrijven kan stimuleren een grotere rol te spelen bij het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen. Verhoging van de maatschappelijke welvaart staat in de rechtseconomie centraal. Aan de orde komen onderwerpen zoals externe effecten, informatieasymmetrie en de invloed van belangengroepen. Deze bijdrage plaatst enkele kritische kanttekeningen vanuit rechtseconomisch perspectief bij dit belangwekkende rapport.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 2024
AA20240303

Markt, concurrentie en mededingingsbeleid: een economisch perspectief

E.E.C. van Damme

Post thumbnail Economisch bezien zijn markten mechanismen voor wereldwijde samenwerking en bepaalt concurrentie hoe de daaruit resulterende winst verdeeld wordt. Goede marktwerking vereist een juridisch fundament en adequate marktordening. Het mededingingsrecht dient om concurrentie levend te houden. De overheid moet bijsturen, maar hoe meer zij doet, hoe groter de kans op overheidsfalen.

Bijzonder nummer | Concurrentie
juli 2020
AA20200663

Parallellen tussen de homo economicus en homo roboticus: met technologie als actor binnen het recht

J.G.C.M. Galle

Post thumbnail Deze opinie verkent de parallellen tussen de homo economicus van de eerste industriële revolutie en de homo roboticus in het huidige digitale tijdperk. Waar technologie besluitvorming objectiever en efficiënter lijkt te maken, roept dit nieuwe vragen op over regelgeving, verantwoordelijkheid en governance. Wetgeving richt zich steeds vaker direct op technologie en redeneert niet meer enkel vanuit de (maat)mens. Dit dwingt ons na te denken over autonomie, over (menselijk) toezicht en aansprakelijkheid in een geautomatiseerde samenleving. Daarnaast is een meer conceptueel debat nodig over ons mensbeeld in samenhang met de technologie-gerichtheid van de huidige Europese wetgeving. Kernvraag hierbij is wat uit de parallellen tussen de homo economicus en homo roboticus moet worden meegenomen. Beide mensbeelden leggen immers bloot dat regelgeving onvermijdelijk vertrekt vanuit een impliciete voorstelling van de mens en dat dit beeld de contouren van ons recht mede bepaalt.

Opinie | Opiniërend artikel
februari 2026
AA20260125