J.H.L. van Banning, L.D. Grutters
Met de toenemende aanwezigheid van AI, is het onvermijdelijk dat ook de invloed daarvan in de rechtshandhaving gaat toenemen. Daarmee ontstaat een groot aantal juridische en ethische vragen, onder andere over de gegevens die gebruikt worden voor het maken van AI-systemen voor rechtshandhaving. Deze zullen in veel gevallen getraind worden op datasets die onrechtmatig verkregen persoonsgegevens bevatten. In dit redactioneel werpen wij enkele vragen op over het trainen van AI-systemen voor de rechtshandhaving en bepleiten wij een transparant publiek debat over nut en noodzaak.
Opinie | Redactioneel
juni 2026
AA20260443