Showing 1–12 of 13 results

De minuscule Marshalleilanden slepen de almachtige kernwapenstaten voor het Internationaal Gerechtshof

O. Spijkers

In april 2014 heeft de Republiek der Marshalleilanden verzocht aan het Internationaal Gerechtshof om te beoordelen of de negen kernwapenstaten – China, Frankrijk, Groot-Brittannië, India, Israël, Noord-Korea, Pakistan, Rusland, en de Verenigde Staten – zich wel aan hun verplichting houden om zich, via onderhandelingen, van hun kernwapens te ontdoen.

Opinie | Opiniërend artikel
April 2015
AA20150281

De United Nations Compensation Commission

Een stap vooruit in het internationale staatsaansprakelijkheidsrecht?

L. van Zoelen

Inmiddels is het meer dan vijf jaar geleden dat de Golfoorlog na ingrijpen van de Verenigde Naties (VN) tot een einde kwam. De schade die in die oorlog werd toegebracht, is enorm. Minder bekend is dat de slachtoffers van de Golfoorlog — en hier betreft het zowel natuurlijke personen als nationale en internationale rechtspersonen — een schadevergoeding van Irak kunnen ontvangen via de United Nations Compensation Commission (UNCC). Deze Commissie is speciaal door de Veiligheidsraad (VR) opgericht om schadevergoedingen toe te kennen uit het United Nations Compensation Fund (UNCF). Opmerkelijk is dat deze Commissie die de claims beoordeelt tevens bevoegd is om, voorzover de VR daarin niet heeft voorzien, de aansprakelijkheid van Irak en de schadevergoedingsprocedure zelf nader te regelen. In welke mate verschillen de UNCC-regels en die van de VR van het traditionele staatsaansprakelijkheidsrecht en in hoeverre kan de inhoud ervan bijdragen aan een verbetering van het traditionele internationale aansprakelijkheidsrecht?

Verdieping | Studentartikel
December 1996
AA19960738

Het House of Lords ‘torture’ arrest en de gevolgen voor counter-terrorism door overheden: van ‘geheime vluchten’, CIA tot Guantanamo Bay

G.G.J. Knoops

United Kingdom House of Lords (UKHL) 8 december 2005 (A (FC) and others (FC) (Appellants) v. Secretary of State for the Home Department (Respondent) (2004)) and (A and other (Appellants) (FC) and others v. Secretary of State for the Home Department (Respondent)) (Conjoined Appeals) [2005] UKHL 71. Hoe verhoudt het begrip Torture zich ten opzichte van terrorismebestrijding, welk bewijs kan nog gebruikt worden om een zaak rond te krijgen en wat kan niet meer. Wat is de status van verdragen omtrent het begrip torture.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Februari 2006
AA20060116

Individuele Aansprakelijkheid voor Misdrijven begaan tijdens een Niet-Internationaal Gewapend Conflict: Het Statuut van Den Haag

F. Comiche Andujar

Het Statuut van het Tribunaal van Den Haag bepaalt dat het Tribunaal individuen kan vervolgen voor het begaan van oorlogsmisdrijven in het voormalige Joegoslavië. Het interne karakter van het conflict roept echter vragen op ten aanzien van het toepasselijke internationale recht. Het gevolg zou kunnen zijn dat sommige oorlogsmisdadigers niet vervolgd kunnen worden. In dit artikel wordt bekeken of het Statuut dit probleem voldoende ondervangt.

Overig | Ars Aequi-prijswinnaar | Verdieping | Studentartikel
Maart 1995
AA19950170

September 2006

Katern 100: Europees recht

UL Europa Instituut

December 1994

Katern 53: Consumentenrecht

E.H. Hondius

Maart 1997

Katern 62: Europees recht

UL Europa Instituut

December 1997

Katern 65: Volkenrecht

I.F. Dekker, N.J. Schrijver

September 1999

Katern 72: Europees recht

UL Europa Instituut

September 2000

Katern 76: Volkenrecht

I.F. Dekker, N.J. Schrijver

Maart 2002

Katern 82: Volkenrecht

I.F. Dekker, N.J. Schrijver

Private militaire ondernemingen en staatsaansprakelijkheid: een uitdagende combinatie

W.J.M. van Genugten

De centrale vraag van deze bijdrage is hoe het is gesteld met de aansprakelijkheid van de staat der Nederlanden indien werknemers van private militaire en veiligheidsondernemingen zich, gewild of bij toeval, schuldig maken aan oorlogsmisdrijven of misdrijven tegen de menselijkheid. Aan de orde komen achtereenvolgens: een advies over deze materie van de Adviesraad Internationale Vraagstukken en de reactie van de regering daarop (paragraaf 2), het Kamerdebat over de regeringsreactie (paragraaf 3), het internationale recht inzake staatsaansprakelijkheid (paragraaf 4), met een conclusie ter afronding (paragraaf 5). Het stuk heeft als belangrijkste bedoeling in kort bestek weer te geven wat er op het vlak van de private militaire ondernemingen en de staatsaansprakelijkheid zoal speelt, maar aarzelt niet stelling te nemen waar de auteurs dat zinvol achten.

Bijzonder nummer | Oorlog & recht | Verdieping | Studentartikel
Juli 2009
AA20090482

Showing 1–12 of 13 results