Vind een Maandblad-aflevering

Kies de maand en het jaar waarin het nummer dat je zoekt is verschenen en ga naar de aflevering.

* Van 2012 tot en met heden vind je naast de artikelen van de betreffende maand ook het volledige nummer integraal.
* Vóór 2012 vind je per nummer alleen de losse artikelen die in dat nummer zijn verschenen en kun je niet het volledige nummer integraal bekijken.

Banner Hoffelijk Juridisch
Banner OSR
Banner RU Duale Master Onderneming & Recht
Banner Pels Rijcken
Banner Hoffelijk Juridisch
Banner OSR
Banner RU Duale Master Onderneming & Recht
Banner Pels Rijcken

Deeplink naar deze pagina:
https://arsaequi.nl/aam/201304


Maandblad april 2013

Ars Aequi april 2013

De (on)zin van marktwerking en kwantificering in de rechtspraak

M. Otte

Steeds vaker worden vragen gesteld over de financiering van rechtspraak en bijbehorende procedures en methodieken uit de managementwereld, zoals benchmarking. Zie alleen al het rechterlijk manifest van enkele maanden geleden waarin kritiek wordt geuit op de perverterende effecten van financiering van publieke taken als rechtspraak. Rechtspraak zou geen marktproduct zijn dat onderhorig is aan financiële sturingsmethoden. In dit opstel bepleit Rinus Otte een nieuw tegengeluid en dat is dat sturing, cijfers en kwantificeren onderschatte begrippen zijn alsmede dat routinematige standaarden goed samengaan met speelruimte voor de rechter.

Perspectief | Perspectiefartikel
April 2013
AA20130326

De wetshistorische wortels van ons stille pandrecht. Waardoor verloor Meijers de slag om het registerpand?

A.F. Salomons

Post thumbnail

Ruim twintig jaar geleden voerde Nederland het stille pandrecht in voor zowel roerende zaken als vorderingen. Het betrof een van de belangrijkste vernieuwingen die het nieuwe Burgerlijk Wetboek in petto had. De vorm waarin het nieuwe zekerheidsrecht was gegoten (zonder registratie in openbare registers) was afgedwongen door de Tweede Kamer, die daarmee inging tegen de wens van de regering om een ‘registerpandrecht’ in te voeren. Het stille pandrecht was evenmin de eerste keus van de voornaamste gebruiker van dat recht, de bancaire sector. De nieuweling stond in 1992 dus geen hartelijk onthaal te wachten. De vraag die zich nu opdringt is hoe het zo ver heeft kunnen komen. Waaraan hebben wij dat door niemand echt gewilde geheime pandrecht te danken?

Overig | Rode draad | Historische wortels van het recht
April 2013
AA20130319

Digitale publicaties: veel naar verwezen, weinig gelezen?

Y.E. Schuurmans

Digitaal publiceren op open access-omgevingen is de toekomst voor wetenschappers, ook in de juridische discipline. Deze publicatiewijze biedt belangrijke voordelen: de vorm is vrijer en het levert snel goed vindbare én toegankelijke publicaties op. In deze bijdrage wordt verslag gedaan van ervaringen met een van de eerste Nederlandse juridische open access-tijdschriften, Netherlands Administrative Law Library (NALL). 

Perspectief | Perspectiefartikel
April 2013
AA20130332

Georg Henrik von Wright en de deontische logica

A. Soeteman

Post thumbnail

In deze aflevering van de rubriek Bijzondere boeken schrijft Arend Soeteman over een boek over deontische logica, dat hij met rode oortjes heeft gelezen: Norm and Action van Georg Henrik von Wright. 

Blauwe pagina's | Bijzondere boeken
April 2013
AA20130266

Grensoverschrijdend procederen in IE-zaken: back to the future?

Th.C.J.A. van Engelen

Post thumbnail De ‘uitvinding’ van het grensoverschrijdend verbod door de Nederlandse rechter aan het begin van de jaren negentig resulteerde destijds in een ware stortvloed aan spraakmakende internationale octrooizaken, die zich bij de Nederlandse octrooirechter aandienden. Met de introductie in 1998 van de ‘spin-in-het-web’-leer, schroefde het Hof Den Haag de mogelijkheden voor grensoverschrijdende verboden echter fors terug. Het Europese Hof van Justitie kwam vervolgens met arresten waarmee in de praktijk het doek voor grensoverschrijdende octrooiprocedures feitelijk gevallen leek te zijn. Recente arresten van het Hof van Justitie in een reeks van zaken lijken de deur voor ‘cross-border injunctions’ weer open te zetten. Alle reden om aan de hand van de recentere jurisprudentie de mogelijkheden tot grensoverschrijdend optreden in kaart te brengen. 

Verdieping | Verdiepend artikel
April 2013
AA20130271

Heldere taal

E.H. Hondius

Ewoud Hondius schrijft over de heldere  boekaankondigingen die hij vorige maand in Ars Aequi las.

Opinie | Column
April 2013
AA20130280

Het EHRM slaat geen nieuwe piketpaaltjes in het relatierecht.

Geen schending artikel 8 EVRM door beperking van het verschoningsrecht tot formele relaties

W.M. Schrama

Post thumbnail Het Nederlandse strafprocesrecht kent in artikel 217 aanhef en onder 3 Sv alleen een verschoningsrecht toe aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn en in de zijlijn tot in de derde graad en aan de (voormalig) echtgenoot of (voormalig) geregistreerd partner, maar niet aan informele samenleefrelaties. Ongehuwd samenlevende partners moeten dus getuigen, ook als dat strafrechtelijk gezien in het nadeel van hun partner is. Een zaak waarin dit zich voordeed is voorgelegd aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens, dat in april 2012 uitspraak heeft gedaan. Deze beslissing staat in dit artikel centraal.

Opinie | Opiniërend artikel
April 2013
AA20130281

Kan de wetgever alles ‘maken’?

L.J.A. Damen

Centrale Raad van Beroep (CRvB) 9 november 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY3507, nr. 12/1405 AOW-T, LJN: BY3507, USZ 2012/359, NJB 2012/2491

Annotaties en wetgeving | Annotatie
April 2013
AA20130287

Non bis in idem of de schoonheid van de rechtsgeschiedenis

W.F. van Hattum

Post thumbnail

De afgelopen jaren deed ik onderzoek naar de achtergronden van artikel 68 van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Dit artikel formuleert de voorwaarden waaronder een tweede vervolging wegens hetzelfde feit niet wordt toegestaan: non bis in idem. Aanleiding om mij in dit onderwerp te verdiepen vormden enkele arresten van de Hoge Raad. De Hoge Raad beriep zich voor zijn standpunt of er wel of geen sprake was van een tweede vervolging wegens hetzelfde feit op ‘de strekking van art. 68’ en ‘het beginsel van het artikel’. De vraag was: op welk beginsel beriep hij zich? Waar stond het? Waar kwam het vandaan? De antwoorden die ik in de geschiedenis vond, boden een verrassende blik op de gebeurtenissen, de taal, de ontwikkelingen, en de personen rond dit onderwerp. Zij ontsloten onder meer de bron van de woorden non bis in idem en de betekenis die zij in de loop der eeuwen kregen. Mijn bijdrage gaat over deze twee historische aspecten van de regel.

Overig | Rode draad | Historische wortels van het recht
April 2013
AA20130314

Rotsvast vertrouwen aan het wankelen gebracht

F. Ahlers, R. Kindt

De wetgever voelt een welhaast reflexmatige behoefte bij gevoeld sociaal conflict de in het geding zijnde sociale norm tot juridische te verheffen. Dit leidt tot een veelheid aan regelgeving, die soms de werking mist waar de wetgever van uit lijkt te gaan. Een voorbeeld hiervan is de Wet dwangsom.

Opinie | Redactioneel
April 2013
AA20130265

RuneScape

N. Rozemond

Hoge Raad 31 januari 2012, nr. 10/00101 J, ECLI:NL:HR:2012:BQ9251, LJN: BQ9251, NJ 2012, 536 m.nt. N. Keijzer (RuneScape)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
April 2013
AA20130294

Rv aan de kant? De toelaatbaarheid van procesovereenkomsten onder de loep genomen

M.W. Knigge

Post thumbnail In hoeverre kunnen partijen bij procesovereenkomst afwijken van het burgerlijk procesrecht? Is het bijvoorbeeld mogelijk om de toegang tot de rechter bij overeenkomst geheel uit te sluiten? Is een geheimhoudingsbeding, op grond waarvan het partijen niet is toegestaan om bepaalde mededelingen aan de rechter te doen, toelaatbaar? Op deze vragen wordt in deze proefschriftbijdrage ingegaan.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
April 2013
AA20130336

Stel nou dat rechters integer blijken te zijn!

J.E. Soeharno

Post thumbnail Het wantrouwen jegens rechtspraak kent soms rauwe randen. Toch blijkt dit wantrouwen gepaard te gaan met de facto vertrouwen: mensen gaan nog steeds naar de rechter in het vertrouwen dat hun zaak onpartijdig wordt behandeld. Hoe moet deze paradox worden begrepen? En hoe dient de rechtspraak daarmee om te gaan?

Opinie | Amuse
April 2013
AA20130268

Vereenvoudigd en flexibel BV-recht

M. Meinema

Op 1 oktober 2012 traden de Wet vereenvoudiging en flexibilisering BV-recht en de Invoeringswet vereenvoudiging en flexibilisering BV-recht in werking. Daarmee kwam een wetgevingstraject dat van start ging in 2003, ten einde. Sinds de aankondiging van de voornemens om het verplichte minimumkapitaal van €18.000 af te schaffen hebben ondernemers aan de overheid gevraagd of ze nog even moesten wachten met de oprichting van een BV tot de nieuwe wet er was. Men moest nog even geduld hebben. Vanaf 1 oktober 2012 kunnen ondernemers een besloten vennootschap oprichten zonder een minimum kapitaal en hebben zij meer vrijheid om hun BV in te richten. In deze bijdrage wordt de inhoud van de nieuwe wetgeving besproken tegen de achtergrond van het wetgevingstraject.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
April 2013
AA20130310

Veroordeling en Vrijspraak bij het ICC. Lubanga, Ngudjolo en Controversiële Aansprakelijkheidsconstructies

Wim, Lex, Kim en de Dalai

R.J.B. Schutgens

Roel Schutgens beschrijft in zijn column de curieuze wijze waarop de Tibetanen hun staatshoofd kiezen, en trekt vergelijkingen met onze monarchie.

Opinie | Column
April 2013
AA20130286