Vind een Maandblad-aflevering

Kies de maand en het jaar waarin het nummer dat je zoekt is verschenen en ga naar de aflevering.

* Van 2012 tot en met heden vind je naast de artikelen van de betreffende maand ook het volledige nummer integraal.
* Vóór 2012 vind je per nummer alleen de losse artikelen die in dat nummer zijn verschenen en kun je niet het volledige nummer integraal bekijken.

Banner Pels Rijcken
Banner Hoffelijk Juridisch
Banner RU Onderneming & Recht
Banner Maverick
Banner OSR
Banner Pels Rijcken
Banner Hoffelijk Juridisch
Banner RU Onderneming & Recht
Banner Maverick
Banner OSR

Deeplink naar deze pagina:
https://arsaequi.nl/aam/201203


Maandblad maart 2012

Ars Aequi maart 2012

Artikelen van naam

J. Hijma

Post thumbnail Wel eens gehoord van het biljartbalartikel? Zo luidt de – licht van juridische humor getuigende – koosnaam van één van de artikelen van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek. Zulke bijnamen, niet te verwarren met de zakelijke kopjes die in wettenbundels boven of naast de artikelen worden geplaatst, zijn in het burgerlijk recht betrekkelijk zeldzaam. In deze amuse passeren er enkele de revue.

Opinie | Amuse
maart 2012
AA20120168

Begrenzing van de verzekeringsplicht van de werkgever

S.D. Lindenbergh

Hoge Raad 11 november 2011, nr. 10/04875, LJN: BR5215, ECLI:NL:HR:2011:BR5215, NJ 2011, 597 m.nt. T. Hartlief (TNT Post Productie B.V./Wijenberg); Hoge Raad 11 november 2011, nr. 10/04571, LJN: BR5223, ECLI:NL:HR:2011:BR5223, NJ 2011, 598 (De Rooyse Wissel/Hagens) Met de hier te bespreken uitspraken trekt de Hoge Raad uitdrukkelijk een grens ten aanzien van de reikwijdte van de verplichting van de werkgever om zijn werknemers tegen bepaalde risico’s te verzekeren. Die verzekeringsplicht geldt niet voor eenzijdige ongevallen van voetgangers en ook niet voor bijzondere arbeidsrisico’s  buiten het wegverkeer, zo laten de uitspraken zich samenvatten.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2012
AA20120204

Contextualiteit als uitgangspunt van constitutioneel-rechtelijk onderzoek

N.S. Efthymiou

Post thumbnail

Constitutioneel recht is, als onderdeel van de rechtsgeleerdheid, een sociale wetenschap. Het constitutionele recht is minder sterk dan sommige andere sociale wetenschappen gericht op kwantitatief empirisch onderzoek, al lijkt er in recente tijden een grotere aandacht te bestaan in het constitutionele recht voor dergelijk onderzoek. Dat neemt niet weg dat veel onderzoek dat in het constitutionele recht wordt verricht, in hoofdzaak een combinatie is van tekstanalyse, begripsanalyse en observatie en interpretatie van de staatsrechtelijke en staatkundige praktijk. In deze bijdrage zal de aandacht alleen gericht zijn op deze laatste vorm van constitutioneel-rechtelijk onderzoek.

Blauwe pagina's | Onderbelicht
maart 2012
AA20120166

Dat is niet úw belang!

Het relativiteitsvereiste in de Crisis- en herstelwet

A.G.A. Nijmeijer

Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State (ABRvS) 30 november 2011, nr. 201011839/1/R3, LJN: BU6355, ECLI:NL:RVS:2011:BU6355 Bouw van woningen die onderhevig zijn aan geluidhinder afkomstig van wegverkeer. Maximaal toelaatbare geluidbelasting op woningen. Regels over geluidbelasting zijn kennelijk niet geschreven ter bescherming van de belangen van omwonenden. Relativiteit in het bestuursrecht. Artikel 83 Wet geluidhinder (Wgh) en artikel 1.9 Crisis- en herstelwet (Chw).

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2012
AA20120222

De noot van de toekomst – de toekomst van de noot?

R.J.N. Schlössels

De juridische annotatie heeft het moeilijk. Als wetenschappelijke publicatie dreigt zij definitief te worden afgewaardeerd. Het wordt hoog tijd dat de juridische wetenschap achter de noot gaat staan.

Perspectief | Perspectiefartikel
maart 2012
AA20120230

Een grensgeval in het financieel toezichtrecht

D. Busch

Hoge Raad 8 april 2011, nr. 09/01318, ECLI:NL:HR:2011:BP4023, LJN: BP4023 (Vereniging Belangenbehartiging Commandieten ‘Befra’ c.s./Coöperatieve Rabobank Kromme Rijn UA e.a.)
Kan een beherend vennoot van een commanditaire vennootschap die uitsluitend belegt met het door de enige stille vennoot ingebrachte vermogen, worden aangemerkt als individueel vermogensbeheerder dan wel als effectenbemiddelaar in de zin van de financiële toezichtregelgeving? En als de beherend vennoot moet worden aangemerkt als individueel vermogensbeheerder of effectenbemiddelaar in de zin van de toezichtregelgeving, kunnen de AFM en de banken die bij de beleggingsconstructie betrokken waren dan met succes worden aangesproken door een stille vennoot die schade heeft geleden doordat de beherend vennoot de alsdan toepasselijke toezichtregels niet heeft nageleefd?

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2012
AA20120212

Het buigen van de Hoge Raad in de oorlog

W.J. Veraart

In deze column  gaat Wouter Veraart in op de toespraak van president van de Hoge Raad Geert Corstens waarin deze de slappe houding van de Hoge Raad in de Tweede Wereldoorlog hekelt en spijt betuigt.

Opinie | Column
maart 2012
AA20120203

Het weekendarrangement en het onderzoeksbelang

T. Kooijmans

Hoge Raad 13 december 2011, nr. 10/02816, ECLI:NL:HR:2011:BT2173, LJN: BT2173, RvdW 2012, 16 Als gaandeweg het weekend in het kader van het ‘weekendarrangement’ alle onderzoekshandelingen – behoudens het uitreiken van de dagvaarding – zijn afgewikkeld die in de optiek van de politie en de (hulp)officier van justitie moesten worden verricht, mag de inverzekeringstelling dan nog voortduren tot maandagochtend teneinde de verdachte eerst dan de dagvaarding uit te reiken en heen te zenden? Die vraag is in de lagere rechtspraak een aantal malen aan de orde gesteld  en is inmiddels ook aan de Hoge Raad voorgelegd. In deze annotatie worden de belangrijkste overwegingen uit de uitspraak van de Hoge Raad weergegeven en wordt nader ingegaan op het instrumentarium dat de rechter ter beschikking staat bij zijn controle op de rechtmatigheid van de inverzekeringstelling.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2012
AA20120225

Luctor et emergo: pleidooi voor het vak zwemrecht

E.H. Hondius

Deze column bevat een pleidooi voor introductie van het vak Zwemrecht aan Nederlandse universiteiten en hogescholen.

Opinie | Column
maart 2012
AA20120188

Op weg naar het einde: de strafbaarstelling van voorbereiding en vergemakkelijking van professionele hennepteelt

M.J. Borgers, E.M. van Poecke

Post thumbnail De illegale hennepteelt in Nederland en de internationale handel in hennep vormen belangrijke aandachtspunten van het huidige kabinet. In het kader van het intensiveren en optimaliseren van de bestrijding van illegale hennepteelt heeft het kabinet dan ook een pakket aan maatregelen aangekondigd. In dit artikel wordt ingegaan op het voorgestelde artikel 11a Opiumwet. Daarbij staat de vraag centraal wat de betekenis en de toegevoegde waarde is van de voorgenomen invoering van het nieuwe artikel 11a Opiumwet. Of iets anders gezegd: biedt dit wetsvoorstel een oplossing voor het door het kabinet geschetste probleem?

Verdieping | Verdiepend artikel
maart 2012
AA20120171

Oprecht geloven in vrijheid. Bloemlezing van een grondrecht onder vuur

H.-M.Th.D. ten Napel, F.H.K. Theissen

Post thumbnail Florian H. Karim Theissen en Hans-Martien ten Napel stellen dat afschaffing of beperking van de godsdienstvrijheid de bijl in het fundament van de open samenleving in Nederland zet en beargumenteren dit aan de hand van een viertal casusposities: het gedoogakkoord, het boerka-verbod, weigerambtenaren en de SGP, en ritueel slachten en mannenbesnijdenis.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2012
AA20120182

Over short selling

M. Peeters

Short selling heeft een ietwat dubieuze reputatie. ‘Aandelen verkopen die je niet hebt’, dat wekt al de suggestie dat er iets niet in de haak is. Verschillende toezichthouders en regelgevers leggen snel verbanden tussen short selling en marktmisbruik. ‘Short is moord’ was zelfs de kop boven een FD-column over maatregelen tegen short selling die de AFM in 2008 heeft genomen. De directe aanleiding tot deze beschouwing is de EU-verordening betreffende short selling die op korte termijn in alle lidstaten rechtstreeks van toepassing zal zijn. De bespreking van de Verordening en andere maatregelen pretendeert zeker niet uitputtend te zijn, maar concentreert zich op twee kernthema’s; transparantie over short selling en eventuele verbods- of andere beperkende maatregelen.

Verdieping | Verdiepend artikel
maart 2012
AA20120189

Rendement of restitutie? Clawbacks in rechtsvergelijkend perspectief

F. Ahlers, M.R. Tjon Akon

Onlangs oordeelde de Hoge Raad oordeelde dat een investeerder die ruim 1,1 miljoen euro had verdiend aan het Ponzi scheme van vastgoedbelegger René van den Berg, deze winst niet terug hoefde te betalen. Er is onduidelijkheid over deze betalingen. Heeft de investeerder die deze heeft ontvangen recht op deze gelden of dient restitutie plaats te vinden ten behoeve van de overige investeerders, wier inbreng is gereduceerd tot een faillissementsvordering? Deze kwestie wordt besproken vanuit een rechtsvergelijkend perspectief, waarin de oplossing van de Hoge Raad wordt vergeleken met het Amerikaanse faillissementsrecht.

Opinie | Redactioneel
maart 2012
AA20120165

‘Adolescentenstrafrecht’: kanttekeningen bij voorstel staatssecretaris Teeven

I. Weijers

Post thumbnail Dit stuk houdt de voorstellen van staatssecretaris Teeven tot verdere uitwerking van een strafrecht voor adolescenten kritisch tegen het licht. De auteur concludeert dat de plannen van de staatssecretaris vooral een ingrijpende verzwaring van het jeugdstrafrecht inhouden en vooralsnog op het meest interessante punt, van de strafrechtelijke reactie op criminaliteit van jongvolwassenen, helaas weinig te bieden lijken te hebben.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2012
AA20120198