Bij de bestuursrechter

Een praktische handleiding voor de zitting bij de rechtbank

    • Deze uitgave is leverbaar als:

    Omschrijving

    In dit boek beschrijven de auteurs de zitting bij de rechtbank vanaf het moment van de uitnodiging tot het moment van sluiting van het onderzoek ter zitting. Daartussenin bespreken zij diverse onderwerpen die relevant kunnen zijn voor de bestuursrechtelijke praktijk. Dit gebeurt aan de hand van voorbeelden uit de jurisprudentie.

    Door deze brede opzet is het boek uitermate geschikt voor iedereen die te maken krijgt met zittingen bij de bestuursrechter. Van de bestuursrechter zelf, de advocaat, de procederende burger, de procesvertegenwoordiger, de ambtenaar tot studenten aan de universiteit of het hoger beroepsonderwijs.

    U kunt ook een cursus "Bij de bestuursrechter" gegeven door de auteurs van dit boek volgen bij het CPO. Doelgroep: (startende) advocaten, gemeentejuristen, juristen bij de provincie, griffiers, en juristen bij rechtsbijstandverzekeraars (4 PO-punten).

    Inhoudsopgave

    1 De uitnodiging voor de zitting
    1.1 Inleiding
    1.2 Inhoud van de uitnodiging
    1.2.1 Algemeen
    1.2.2 Duidelijkheid gewenst
    1.2.3 Bepaling zittingsdatum
    1.2.3.1 De huidige situatie
    1.2.3.2 De situatie na inwerkingtreding van de wet KEI
    1.3 De wijze van verzending
    1.3.1 Inleiding
    1.3.1.1 De huidige situatie
    1.3.1.2 De situatie na inwerkingtreding van de wet KEI
    1.3.2 Aangetekende verzending of verzending met bevestiging van ontvangst
    1.3.3 Verzending per gewone post
    1.3.4 Faxberichten
    1.3.5 Niet verschenen partij(en) bij (on)juiste wijze van uitnodigen
    1.3.5.1 Niet verschijnen ondanks juiste wijze van uitnodigen
    1.3.5.2 Ontbreken uitnodigingen of onjuiste wijze van uitnodigen
    1.3.5.3 Wijziging tijdstip zitting
    1.3.5.4 Fout bij postbezorging
    1.3.5.5 Ongelukkige communicatie
    1.4 Welk adres?
    1.4.1 De regels
    1.4.2 Verkeerd adres of verkeerde adressant
    1.5 Naar wie wordt de uitnodiging verzonden?
    1.5.1 Algemeen
    1.5.2 Gemachtigde
    1.5.3 Niet alleen partijen worden uitgenodigd
    1.6 Moment van verzending uitnodiging
    1.6.1 Tijdige verzending/ontvangst
    1.6.2 Te late uitnodiging

    2 De verschijning van partijen ter zitting 
    2.1 Inleiding
    2.2 In beginsel geen verplichting te verschijnen
    2.2.1 Inleiding
    2.2.2 Gevolgen van het niet verschijnen
    2.2.3 Geen oproeping, maar een belletje
    2.2.4 Was hij er of was hij er niet?
    2.3 Bij oproeping wel plicht te verschijnen
    2.3.1 Verplichting te verschijnen
    2.3.2 Discretionaire bevoegdheid
    2.3.3 Inhoud van de oproeping
    2.3.4 Wijze van oproepen en termijn
    2.3.5 Gedetineerde die de zitting wil bijwonen
    2.3.6 Ondanks oproeping niet verschenen
    2.3.6.1 De betekenis van artikel 8:31 van de Awb
    2.3.6.2 Nieuwe kansen of verschoonbaarheid?
    2.3.6.3 Gevolgen van niet verschijnen: voorbeelden uit de jurisprudentie
    2.4 Verzoek om uitstel
    2.4.1 Hoofdregel: geen uitstel
    2.4.2 Recht te worden gehoord
    2.4.3 Vage brief of vaag betoog ≠ verzoek om uitstel
    2.4.4 Op een verzoek om uitstel moet tijdig worden gereageerd
    2.4.4.1 Tijdig een gemotiveerde reactie
    2.4.4.2 Te late reactie
    2.4.4.3 Herhaald verzoek
    2.4.5 Moment van indiening van het verzoek: niet ingediend binnen een week na aankondiging
    2.4.6 Moment van indiening van het verzoek: verzoek kort voor zitting
    2.4.6.1 Ziekte
    2.4.6.2 Vakantie
    2.4.6.3 Geen geld voor een treinkaartje
    2.4.6.4 Wisseling van gemachtigde
    2.4.6.5 Vertraging
    2.4.7 Wie is verhinderd?
    2.4.8 De bestuursrechter kan niet blijven uitstellen

    3 Getuigen, tolken en deskundigen
    3.1 Inleiding
    3.1.1 Opzet 
    3.1.2 Belangrijkste regels
    3.1.3 Discretionaire bevoegdheid
    3.1.4 Geen hoger beroep tegen tussenbeslissing
    3.2 Door de bestuursrechter opgeroepen getuige, deskundige of tolk
    3.2.1 Communicatie
    3.2.2 Kosten
    3.2.3 Verplichting te verschijnen
    3.2.4 Niet opgeroepen door bestuursrechter, maar wel gehoord als getuige of deskundige op initiatief van de bestuursrechter
    3.2.5 Op verzoek oproepen van een getuige of benoemen en oproepen van een deskundige
    3.2.5.1 Horen getuige moet bijdragen aan de beoordeling van de zaak
    3.2.5.2 Verzoek om oproepen getuige ten bewijze van een voor het geschil cruciale kwestie
    3.2.5.3 Verzoek ter zitting om alsnog een getuige op te roepen
    3.2.5.4  Verzoek moet expliciet zijn
    3.3 Door partijen meegenomen of opgeroepen getuige of deskundige
    3.3.1 Tijdig melden
    3.3.2 Voldoende informatie
    3.3.3 Kosten
    3.3.4 Noodzaak tot horen getuige of deskundige
    3.3.4.1 Enige discretie voor bestuursrechter, maar wel motiveringsplicht
    3.3.4.2 Wel of niet horen?
    3.3.4.3 Getuige hoeft niet te worden gehoord: voorbeelden
    3.3.4.4 Getuige moet wel worden gehoord: voorbeelden
    3.3.5 Niet verschenen getuige of deskundige: alsnog oproeping door bestuursrechter?
    3.3.6 Contacten met getuigen of deskundigen
    3.3.7 Getuigen of deskundigen die geen Nederlands spreken
    3.3.8 Horen van partij als getuige?
    3.4 Wijze van horen van getuige
    3.4.1 Horen als getuige of als informant?
    3.4.2 Meerdere getuigen
    3.4.3 Eed of belofte
    3.4.4 Verschoningsrecht
    3.4.4.1 Wie mogen zich verschonen?
    3.4.4.2 Vraag naar familierelatie of dienstverband
    3.4.5 Verklaring getuige in proces-verbaal
    3.4.6 Vragen stellen
    3.4.7 Antwoorden verplicht
    3.5 Bijstand van een tolk
    3.5.1 Oproepen tolk
    3.5.2 Beëdigde tolk

    4 Wraking en verschoning
    4.1 Inleiding
    4.2 Onpartijdigheid: de subjectieve en objectieve test
    4.3 Integriteitscodes in Nederland
    4.3.1 Waarom integriteitscodes?
    4.3.2 Welke integriteitscodes zijn er?
    4.3.3 De Leidraad onpartijdigheid en nevenfuncties in de rechtspraak -2014
    4.4 Wraking: initiatief van een partij
    4.4.1 Betekenis en doelen
    4.4.1.1 Betekenis
    4.4.1.2 Twee doelen 
    4.4.2 Wrakingsprotocollen
    4.4.3 Eisen aan een wrakingsverzoek
    4.4.3.1 Inventarisatie van de eisen
    4.4.3.2 Afkomstig van een partij
    4.4.3.3 Gericht tegen de bestuursrechter die de zaak behandelt
    4.4.3.4 Tijdige indiening van het wrakingsverzoek
    4.4.3.5 Schriftelijk of mondeling
    4.4.3.6 Feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden
    4.4.3.7 Concrete feiten en omstandigheden
    4.4.3.8 Concentratie van argumenten
    4.4.4 De griffier van de zittingskamer
    4.4.5 De griffier van de wrakingskamer
    4.4.6 Een wrakingsverzoek ingediend en dan? Berusting of behandeling door de wrakingskamer
    4.4.6.1 Inleiding
    4.4.6.2 Berusting
    4.4.6.3 Behandeling van het wrakingsverzoek door de wrakingskamer
    4.4.7 Wraking van (één van) de leden van de wrakingskamer?
    4.4.8 Een niet tijdig onderkend wrakingsverzoek
    4.4.9 Meer dan één wrakingsverzoek?
    4.4.10 Proceskosten bij het inwilligen van een wrakingsverzoek
    4.4.11 Misbruik van recht
    4.4.12 De beslissing van de wrakingskamer en haar gevolgen
    4.4.13 Niet eens met de beslissing op het wrakingsverzoek
    4.4.14 Naar een nieuwe wrakingsregeling?
    4.5 Verschoning: initiatief van de bestuursrechter
    4.5.1 Terugtrekken versus verschonen
    4.5.2 Het spiegelbeeld van de wrakingsregeling

    5 De goede procesorde
    5.1 Inleiding
    5.2 Wat is ‘goede procesorde’?
    5.3 Nieuwe beroepsgronden 
    5.3.1 Het kader
    5.3.2 Nieuwe beroepsgronden niet in strijd met de goede procesorde
    5.3.3 Nieuwe beroepsgronden wel in strijd met de goede procesorde
    5.3.4 Conclusies
    5.4 Nadere stukken 
    5.4.1 Het kader
    5.4.1.1 Tiendagentermijn: termijn van orde
    5.4.1.2 Berekening van de tiendagentermijn
    5.4.1.3 Wat zijn nadere stukken?
    5.4.1.4 Casuïstische beoordeling
    5.4.2 Nadere stukken niet in strijd met de goede procesorde
    5.4.3 Nadere stukken wel in strijd met de goede procesorde
    5.4.4 Conclusies 

    6 Het onderzoek ter zitting
    6.1 Inleiding
    6.2 Zeven functies van de zitting
    6.2.1 Een inventarisatie
    6.2.2 Functie 1: day in court
    6.2.3 Functie 2: forum
    6.2.4 Functie 3: laatste kans
    6.2.5 Functie 4: losse eindjes
    6.2.6 Functie 5: open kaart
    6.2.7 Functie 6: finale conflictbeslechting 
    6.2.8  Functie 7: finale geschilbeslechting
    6.3 Enkele praktische zaken bij en na binnenkomst van het gerechtsgebouw
    6.4 Openbaarheid van de zitting
    6.4.1 De zitting is openbaar, tenzij…
    6.4.2 Vier uitzonderingen
    6.4.2.1 Een inventarisatie
    6.4.2.2 Uitzonderingen 1 en 2: openbare orde/goede zeden en veiligheid van de Staat
    6.4.2.3 Uitzondering 3: de belangen van minderjarigen of de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van partijen
    6.4.2.4 Uitzondering 4: openbaarheid zou het belang van een goede rechtspleging ernstig schaden
    6.5 Wie zijn in de rechtszaal aanwezig?
    6.5.1 Inventarisatie van de aanwezige personen
    6.5.2 De bode
    6.5.3 De griffier
    6.5.4 De bestuursrechter
    6.5.5 De rechter in opleiding
    6.5.6 De burger (en zijn gemachtigde)
    6.5.7 De vertegenwoordiger van het bestuursorgaan
    6.5.8 De getuige, deskundige en/of tolk
    6.5.9 Media en overig publiek
    6.6 Wie zit waar in de rechtszaal?
    6.6.1 Inleiding
    6.6.2 De zitting van de enkelvoudige kamer
    6.6.3 De zitting van de meervoudige kamer

    7 De Nieuwe Zaaksbehandeling
    7.1 Inleiding
    7.2 De Nieuwe Zaaksbehandeling
    7.2.1 Waarom een nieuwe behandeling van zaken?
    7.2.2 Wat is de Nieuwe Zaaksbehandeling?
    7.2.2.1 Maatschappelijk effectiever rechtspreken
    7.2.2.2 Drie doelen van de Nieuwe Zaaksbehandeling
    7.2.3 De Nieuwe Zaaksbehandeling in perspectief
    7.2.3.1 Twee perspectieven
    7.2.3.2 Het perspectief van de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan
    7.2.3.3 Het perspectief van de gemachtigde van de burger
    7.3 De overkoepelende norm: procedurele rechtvaardigheid
    7.4 Een evaluatie van de Nieuwe Zaaksbehandeling
    7.5 Mediation
    7.5.1 Van rechtspraak naar mediation
    7.5.2 Kenmerken van mediation
    7.5.2.1 Een inventarisatie van de kenmerken 
    7.5.2.2 Zelfbeschikking
    7.5.2.3 De mediator als neutrale derde
    7.5.2.4 Vrijwilligheid
    7.5.2.5 Vertrouwelijkheid
    7.5.2.6 Het mediationproces
    7.6 Schikken
    7.6.1 Wat is schikken?
    7.6.2 Soorten van schikkingen
    7.6.2.1 Een inventarisatie
    7.6.2.2 De schikking tijdens een comparitie
    7.6.2.3 De schikking tijdens het onderzoek ter zitting
    7.6.3 Wat betekent een schikking voor de bestuursrechtelijke procedure?

    8 Het verslag van de zitting
    8.1 Inleiding 
    8.2 De zittingsaantekeningen
    8.2.1  Zittingsaantekeningen in beginsel voldoende
    8.2.2 Toezending aan de hogerberoepsrechter
    8.3 Het proces-verbaal van de zitting
    8.3.1  Inleiding
    8.3.2 Ambtshalve of op verzoek van partijen
    8.3.2.1 Ambtshalve
    8.3.2.2 Op verzoek van partijen
    8.3.3 Op verzoek van de hogerberoepsrechter
    8.3.4 De vorm van het proces-verbaal
    8.3.5  De inhoud van het proces-verbaal
    8.3.5.1 Verklaringen
    8.3.5.2 Waarnemingen
    8.3.5.3 Zakelijke weergave is voldoende
    8.3.6 De juistheid van het proces-verbaal
    8.3.6.1 Uitgangspunt: proces-verbaal is juist, tenzij…
    8.3.6.2 Voorbeelden: geen aanleiding om onjuistheid aan te nemen
    8.3.6.3 Voorbeelden: wel aanleiding om onjuistheid aan te nemen
    8.3.7  De rangorde tussen het proces-verbaal en de uitspraak
    8.4  Gebrekkig verslag
    8.5  Beeld- of geluidsopname in plaats van een proces-verbaal

    9 De bestuurlijke lus
    9.1 Inleiding
    9.2 De toepassing van een bestuurlijke lus
    9.2.1 Inleiding
    9.2.2 Wanneer komt een bestuurlijke lus in beeld in het kader van finale geschillenbeslechting?
    9.2.3 Discretionaire bevoegdheid
    9.2.4 Moet de bestuursrechter motiveren waarom hij de bestuurlijke lus niet toepast?
    9.2.5 In welke geschillen?
    9.2.5.1 Een of meer gebreken
    9.2.5.2 Geschikt?
    9.2.6 Derdebelanghebbenden
    9.2.7 Uitnodiging of opdracht aan het bestuursorgaan
    9.3 De tussenuitspraak
    9.3.1 Inleiding
    9.3.2 De inhoud van de tussenuitspraak
    9.3.2.1 Over de bestuurlijke lus
    9.3.2.2 Algemene en concrete aanwijzingen
    9.3.2.3 Algemeen
    9.3.2.4 Concreet
    9.3.2.5 Beroepsgronden
    9.3.2.6 Voorbereiding en bekendmaking nieuw besluit
    9.3.3 Hersteltermijnen
    9.3.3.1 Inleiding
    9.3.3.2 Verlenging hersteltermijn
    9.3.3.3 Voorbeelden
    9.3.3.4 Te laat 
    9.4 Opkomen tegen de tussenuitspraak
    9.4.1 Inleiding
    9.4.2 Hoger beroep tegen de tussenuitspraak 
    9.4.3 Herziening van de tussenuitspraak 
    9.5 Na de tussenuitspraak
    9.5.1 Inleiding
    9.5.2 Reactietermijnen 
    9.5.3 Herstel van het bestreden besluit
    9.5.4 Zienswijzen
    9.5.5 Terugkomen op in de tussenuitspraak gegeven oordelen
    9.5.6 Achterwege laten van een nadere zitting
    9.6 De informele lus

    10 Schorsing van het onderzoek ter zitting
    10.1 Inleiding
    10.2 Een bevoegdheid van de bestuursrechter
    10.2.1 Ambtshalve of op verzoek
    10.2.2 De advocaat van een klein advocatenkantoor is plotseling ziek
    10.2.3 Eén van de partijen heeft stukken niet ontvangen
    10.2.4 Een mediationproces wordt gestart
    10.2.5 Er wordt een deskundigenadvies ingewonnen 
    10.3 Wat betekent een schorsing voor de procedure?
    10.3.1 Hervatting van het onderzoek ter zitting
    10.3.2 Geen nadere zitting
    10.3.2.1 Toestemming vereist 
    10.3.2.2 De bestuurlijke lus 
    10.3.2.3 Een ambtshalve te beoordelen aspect 
    10.4 Niet eens met een beslissing tot het al dan niet schorsen

    11 Sluiting van het onderzoek ter zitting
    11.1 Inleiding
    11.2 Discretionaire bevoegdheid van de bestuursrechter
    11.2.1 Discretionaire bevoegdheid
    11.2.2 Duur van de zitting te kort?
    11.2.3 Wie sluit het onderzoek ter zitting?
    11.3 Na sluiting geen nieuwe stukken meer (tenzij heropening)
    11.4 Recht op laatste woord
    11.4.1 Laatste woord voor aanwezige partijen
    11.4.2 Wie mag het eerst?
    11.4.3 Nieuw standpunt tijdens laatste woord 
    11.5 Mededeling datum uitspraak

    12 Heropening van het onderzoek ter zitting
    12.1 Inleiding
    12.2 De bevoegdheid tot heropening
    12.2.1 Algemeen
    12.2.2 Discretionaire bevoegdheid
    12.3 Op verzoek of ambtshalve
    12.4 De wijze van heropenen en rechtsmiddel tegen heropening
    12.5 Het vervolg van het onderzoek
    12.5.1 Nader onderzoek
    12.5.2 Géén nieuwe gronden na heropening
    12.5.3 Nadere zitting in beginsel vereist
    12.6 Stukken die zijn ontvangen na sluiting van het onderzoek
    12.6.1 Geen nieuwe stukken meer na sluiting van het onderzoek
    12.6.2 Bestuursrechter vraagt om nadere reactie, maar sluit het onderzoek (per ongeluk)
    12.6.3 Als de bestuursrechter nieuwe stukken niettemin wil betrekken, moet hij heropenen
    12.6.4 Een nieuw relevant stuk maakt niet zonder meer dat het onderzoek niet volledig is geweest
    12.7 Aanleiding tot heropening: enige voorbeelden
    12.8 Geen aanleiding tot heropening: enige voorbeelden
    12.9 Ten dele heropenen
    12.10 Nieuwe bestuursrechter(s) na heropening?

    Lijst met geraadpleegde literatuur  

    Recensies

    Deze uitgave heeft nog geen recensie

    Schrijf een recensie